50-50 realistisch streven voor circulair bouwen

Dijkxhoorn Bouwgroep zet in op hergebruik en biobased materialen
5 augustus 2026
3 minuten leestijd
50-50 realistisch streven voor circulair bouwen

Circulair bouwen vraagt om een andere manier van werken. Dijkxhoorn Bouwgroep onderzoekt hoe hergebruik en biobased materialen een grotere rol kunnen spelen. Innovatiemanager Hidde Luzac ziet daarbij een verhouding van 50-50 tussen hergebruikte en nieuwe materialen als een realistisch streven.

Sinds 1957 heeft Dijkxhoorn Bouwgroep uit Den Haag zich ontwikkeld tot een bouwbedrijf met opdrachtgevers in de zorg, de zakelijke markt, bij overheden en onder particulieren. Om met de tijd mee te groeien en de uitdagingen rondom circulair bouwen en duurzaamheid aan te pakken, stelde het bedrijf enkele jaren geleden innovatiemanager Hidde Luzac aan.

“We zien steeds meer verduurzamingsopdrachten binnenkomen”, vertelt Luzac. Omdat Dijkxhoorn Bouwgroep zich veel bezighoudt met verbouw en renovatie, ontstond het plan om een aparte tak op te zetten die zich richt op circulair bouwen en het gebruik van bio-based materialen. Zo kwam Luzac aan boord.

Uitdagingen in de markt

In zijn functie als innovatiemanager onderzoekt Luzac de maatschappelijke uitdagingen én de mogelijkheden die Dijkxhoorn als bouwer kan bieden. De bouw- en infrasector staat dagelijks voor grote opgaven. Niet alleen stikstof speelt een rol, maar ook CO₂-uitstoot, transport, de kosten en beschikbaarheid van bouwmaterialen.

Vanuit die uitdagingen verdiept Luzac zich in innovatieve oplossingen. Zo ontstond het idee om samen met een veehouder een henneptraject op te zetten, zodat hennep als bio-based isolatiemateriaal kan worden toegepast. Ook circulariteit kwam nadrukkelijk op het pad: hoe kun je overgebleven bouwmaterialen zo goed mogelijk hergebruiken? Denk aan gipsplaten en isolatiewol.

De voordelen zijn groot: je beperkt niet alleen het materiaalgebruik en de milieubelasting, maar draagt ook bij aan de ontwikkeling van een nieuwe keten die de circulaire economie versterkt.

Dat de aanstelling van een innovatiemanager zijn vruchten afwerpt, blijkt onder meer uit de opdracht voor Fonds Podiumkunsten in Den Haag. De organisatie wilde haar nieuwe kantoor, gevestigd in het voormalige Postbankgebouw aan het Spaarnplein, circulair laten herinrichten. De opdracht was helder: hergebruik bij de verbouwing minimaal 50 procent van de materialen.

Samen met het Rotterdamse architectenbureau Superuse Studios stelde Dijkxhoorn een plan van aanpak en kostenraming op. De circulaire werkwijze en eigen werkplaats, waar materialen kunnen worden verzaagd en op maat gemaakt, gaven uiteindelijk de doorslag.

Bij het zoeken naar geoogste materialen wordt eerst gekeken binnen eigen projecten en die van architecten en opdrachtgevers. Is daar niets bruikbaars te vinden, dan worden circulaire slopers benaderd. Daarna wordt gekeken bij leveranciers en pas als laatste gekozen voor nieuwe, conventionele materialen. In het project voor Fonds Podiumkunsten kon uiteindelijk zelfs 75 procent circulaire materialen worden toegepast.

50-50 als realistisch streven

Als het mogelijk is om driekwart van de materialen te hergebruiken, is 100 procent circulariteit dan haalbaar? Volgens Luzac niet. De vraag naar bijvoorbeeld nieuw beton zal, zowel kwalitatief als kwantitatief, altijd blijven bestaan.

Bij circulaire projecten moet je bovendien op het juiste moment beschikken over de juiste hoeveelheid én de juiste kwaliteit materialen. Veel oogsten en opslaan kan, maar beschikbaarheid en opslagkosten spelen daarbij een belangrijke rol.

Daarom ziet Luzac een verhouding van 50-50 als een realistisch streven. Met materialen als gips en hout kun je al een grote stap zetten op het gebied van circulariteit, maar er zullen altijd materialen zijn die je nieuw moet inkopen.

Communicatie en documentatie

Circulair bouwen heeft volgens Luzac enorme potentie, maar vraagt wel om een andere manier van werken. Goed overleg met opdrachtgevers en architecten is belangrijk om verwachtingen over circulair bouwen helder uit te spreken. Als uitvoerder blijf je immers in grote mate afhankelijk van de materialen die beschikbaar komen.

Heldere communicatie en zorgvuldige documentatie zijn daarom essentieel. De klassieke offerte of kostenraming, die uitsluitend uitgaat van nieuw aan te schaffen materialen, past niet meer bij circulair bouwen.


Bron: Bouwend Nederland - 2 augustus 2026
Foto: Unsplash