Woningbouw sluit niet aan op vraag
Meer behoefte aan eengezinswoningen en groen wonen, maar plannen focussen op appartementen

De woningbouwproductie draait op volle toeren, maar sluit niet altijd aan op wat mensen echt zoeken. Dat belemmert doorstroming en vertraagt de oplossing van het woningtekort.
Het Nederlandse woningbouwbeleid sluit onvoldoende aan op de feitelijke vraag, aldus Neprom, WoningBouwersNL en IVBN. Er is meer behoefte aan eengezinswoningen en groene woonmilieus, terwijl plannen vooral inzetten op appartementen en stedelijke verdichting.
Volgens onderzoeksbureau Rigo, dat het onderzoek uitvoerde, blijkt de woonbehoefte bovendien complexer dan vaak wordt aangenomen. Het gaat niet alleen om voorkeuren, maar ook om betaalbaarheid en gedrag. Afhankelijk van de manier waarop wordt gemeten, ligt het tekort in betaalbare segmenten tussen de 53 en 75 procent.
Meer vraag naar eengezinswoningen
Uit een analyse van Friso de Zeeuw en Geurt Keers op basis van WoON2024 blijkt volgens Neprom en WoningBouwersNL dat de nieuwbouwvraag breder is dan vaak wordt verondersteld. Ongeveer de helft van de vraag bestaat uit eengezinswoningen, oplopend richting 56 procent in de toekomst. In de huidige plannen ligt dat aandeel rond de 28 procent.
Ook de vraag naar groene woonmilieus is groot, met 60 tot 70 procent van de woningzoekenden die hiernaar op zoek is. De plancapaciteit richt zich echter vooral op stedelijke woonmilieus.
Doorstroming onder druk
De grootste vraag komt van starters en doorstromers. Doorstromers zoeken vaak eengezinswoningen, terwijl het aanbod vooral uit appartementen bestaat. Een sterke focus op appartementen sluit daardoor niet goed aan op de vraag en kan de doorstroming beperken.
Segmenten onderschat
De vraag naar midden- en duurdere woningen wordt mogelijk onderschat. Wanneer gekeken wordt naar bestedingsruimte, blijkt dat woningzoekenden vaak meer kunnen uitgeven dan in beleid wordt aangenomen. Tegelijk zorgt bouwen in duurdere segmenten voor meer doorstroming, maar lost het tekort aan betaalbare woningen niet automatisch op.
Naast de mismatch in woningtype speelt ook het investeringsklimaat een rol. Stapeling van regelgeving en maatregelen maakt het lastiger om projecten financieel rond te krijgen. Daardoor komt de realisatie van verschillende woningtypen onder druk te staan.
Meer flexibiliteit nodig
De conclusie is dat woningbouwprogrammering flexibeler moet worden. Meer ruimte voor verschillende woningtypen, prijssegmenten en woonmilieus kan zorgen voor meer haalbare projecten en snellere realisatie.
Zolang beleid blijft uitgaan van theoretische aannames, bestaat het risico dat er wordt gebouwd voorbij aan de werkelijke vraag.
Bron: Stadszaken - 23 maart 2026
Foto: Unsplash

