Van Wijnen schaalt fabriek voor woningbouw verder op
Meer dan duizend fabriekswoningen geproduceerd, focus verschuift naar dorpen en kleinere steden

Van Wijnen heeft vorig jaar voor het eerst meer dan duizend fabriekswoningen geproduceerd. De opschaling van de woningfabriek komt daarmee op gang, al blijft de winst nog beperkt. Het bouwbedrijf ziet vooral kansen in dorpen en kleinere gemeenten, waar sneller gebouwd kan worden en fabrieksmatige woningbouw makkelijker opschaalt.
Van Wijnen is de magische grens van duizend fabriekswoningen gepasseerd, maar de winst blijft nog bescheiden. Door een groeiende afzet van fabriekswoningen en meer renovatiewerk groeide de omzet vorig jaar met 11 procent naar 1,6 miljard euro. De nettowinst steeg van 8 naar 12 miljoen euro.
Volgens financieel directeur Kees Wielaart vormt het afgelopen jaar vooral een goede basis voor de toekomst.
Fabriekswoningen groeien snel
De omzet uit fabriekswoningen groeide met 80 procent naar 171 miljoen euro. In de fabriek werden ruim duizend woningen geproduceerd, tegenover zeshonderd een jaar eerder.
De fabriek drukt de marges voorlopig nog. De bouw- en ontwikkelbedrijven draaien goede resultaten, maar de maakindustrie is nog niet winstgevend. Dat hoort volgens de directie bij industriële opschaling, waar aanloopverliezen vaak onvermijdelijk zijn. De volgende stap ligt bij efficiency en verdere kostenreductie.
Focus verschuift naar dorpen en kleinere steden
Tegelijk verschuift de focus van grote steden naar dorpen en kleinere gemeenten. Daar denkt Van Wijnen sneller te kunnen bouwen en fabriekswoningen op grotere schaal te kunnen plaatsen.
Afgelopen jaar werden op veertig locaties ontwikkelposities verworven voor 3.282 woningen, vaak in projecten als ‘straatjes erbij’ in plaatsen als Arcen, Groesbeek, Nederweert, Roden en Haps.
In grote steden blijkt woningbouw lastiger door meer regels, ambities en beperkingen. Ontwikkelaars van Van Wijnen zoeken daarom vaker kansen in andere delen van het land, soms door direct bij grondeigenaren of boeren aan te kloppen met een voorstel voor woningbouw. Inmiddels heeft het bedrijf een ontwikkelportefeuille van ruim 13.000 woningen opgebouwd.
Vraag naar fabriekswoningen groeit
Volgens de directie blijkt in de praktijk dat er vraag is naar fabriekswoningen. De woningen zijn gebaseerd op traditionele Nederlandse woningtypen die al decennialang worden gebouwd en daardoor goed passen in bestaande woonstraten.
Bij andere fabrieksconcepten blijkt dat minder vanzelfsprekend. Sommige aanbieders, zoals met houten woningconcepten, hebben moeite om voldoende afzet te vinden. Daarbij speelt mee dat de vastgoedwereld sterk gewend is aan beton en baksteen.
Gemeenten zoeken naar versnelling
Tegelijk blijft de overtuiging dat fabrieksmatige woningbouw een belangrijke rol gaat spelen in de woningbouwopgave. De afspraken uit 2022 over de bouw van ruim 900.000 woningen beginnen steeds meer door te werken in beleid en plannen van gemeenten. Daardoor worden locaties aangewezen en knopen doorgehakt om woningbouw te versnellen.
In verschillende gemeenten worden inmiddels fastlanes ingericht om vergunningverlening te versnellen. Het belang van fabriekswoningen komt bovendien steeds vaker terug in woonvisies. Die plannen moeten zich uiteindelijk vertalen in meer productie in woningfabrieken.
Volgende stap: winstgevendheid
Voor Van Wijnen ligt de volgende stap bij het verbeteren van de winstgevendheid. Met de opschaling achter de rug wil het bedrijf de komende jaren inzetten op efficiency, ontwikkelposities en verdere groei van de fabrieksmatige woningbouw.
Bron: Cobouw - 5 maart 2026
Foto: Fijn Wonen - Van Wijnen
